Waarom kinderen zich bij de gastouder soms anders gedragen dan thuis

Datum: 13-05-2026

“Bij de gastouder eet hij ineens wel zijn broodkorstjes.”
Of: “Daar luistert ze wél.”

Veel ouders herkennen dat kinderen zich op de opvang soms anders gedragen dan thuis. Dat verschil kan verwarrend zijn, maar volgens pedagogen is het heel normaal.

Kinderen reageren op hun omgeving

Jonge kinderen passen hun gedrag voortdurend aan aan de omgeving waarin zij zich bevinden. Bij een gastouder gelden andere routines, verwachtingen en prikkels dan thuis. Ook voelen kinderen snel aan hoe een volwassene reageert en wat ergens van hen verwacht wordt. Gastouderopvang biedt daarnaast vaak veel voorspelbaarheid. Denk aan vaste eetmomenten, herkenbare ritmes en kleine groepen. Juist jonge kinderen hebben veel behoefte aan die structuur. Pedagogische stromingen zoals Montessori en Pikler benadrukken al langer hoe belangrijk rust, herhaling en overzicht zijn voor de ontwikkeling van jonge kinderen.

Veilig genoeg om emoties te laten zien

Ook hechting speelt een belangrijke rol. Volgens de hechtingstheorie van psycholoog John Bowlby laten kinderen juist bij hun belangrijkste hechtingsfiguren vaak het meeste gedrag zien. Dat betekent dat een kind zich thuis veilig genoeg kan voelen om spanning en emoties los te laten. Een kind dat zich overdag groot houdt, kan thuis ineens boos, verdrietig of druk reageren. Dat voelt voor ouders soms tegenstrijdig, maar is meestal een normaal onderdeel van ontwikkeling.

Juist daarom is de rol van gastouders groter dan soms wordt gedacht. Niet alleen in verzorging of activiteiten, maar ook in het begeleiden van emoties, gedrag en ontwikkeling.

👉 In ons kennisbankartikel gaan we dieper in op de pedagogiek achter dit gedrag, waaronder hechting, co regulatie en het belang van voorspelbaarheid en structuur.