Zelfregulatie begint bij samen reguleren

Datum: 12-09-2026

Rustig maar.” Het is snel gezegd tegen een kind dat boos, verdrietig of overstuur is. Maar rustig worden is voor jonge kinderen helemaal niet zo vanzelfsprekend. Zelfregulatie ontwikkelt zich geleidelijk. Jonge kinderen hebben volwassenen nodig om spanning te helpen verminderen, emoties te begrijpen en uiteindelijk steeds meer zelf grip te krijgen op wat ze voelen en doen. Dat proces heet coregulatie.

Eerst samen, later steeds meer zelf

Een peuter die woedend wordt omdat een ander kind zijn auto pakt, beschikt nog niet over dezelfde mogelijkheden om emoties te remmen als een volwassene. Het brein en de executieve functies die daarvoor nodig zijn, zijn nog volop in ontwikkeling. Een volwassene kan tijdelijk helpen bij iets wat het kind nog niet zelfstandig kan. Bijvoorbeeld door rustig te blijven, woorden te geven aan de emotie, duidelijkheid te bieden en pas daarna samen naar een oplossing te zoeken. Het Expertisecentrum Kinderopvang beschrijft de pedagogisch professional daarom expliciet als co regulator. Door emoties te benoemen, rust te bieden, voorspelbaar te reageren en te helpen bij het vinden van oplossingen, leert een kind geleidelijk steeds meer zichzelf te reguleren.

Een grens verdwijnt niet door begrip

Co regulatie betekent niet dat ongewenst gedrag wordt toegestaan. Een kind mag boos zijn omdat een speelgoedauto wordt afgepakt. Slaan blijft niet toegestaan. “Je bent heel boos. Boos zijn mag, maar we slaan elkaar niet.” In twee korte zinnen gebeuren pedagogisch twee dingen. De emotie wordt erkend en het gedrag wordt begrensd. Juist die combinatie is belangrijk. Alleen begrenzen helpt een kind nog niet begrijpen wat er vanbinnen gebeurt. Alleen begrip tonen zonder grens geeft onvoldoende houvast. Onderzoek naar de ontwikkeling van emotieregulatie laat al langere tijd zien dat kinderen die vaardigheden ontwikkelen binnen relaties met volwassenen. De reactie van de opvoeder vormt steeds opnieuw een onderdeel van het leerproces.

Rust kun je niet afdwingen

Daar zit ook een praktische les in. Op het hoogtepunt van een driftbui is een uitgebreide uitleg meestal weinig effectief. Een kind moet eerst voldoende tot rust komen voordat het weer ruimte heeft om te luisteren, na te denken en een oplossing te vinden. Eerst verbinding en regulatie. Daarna pas uitleg en leren. De gastouder hoeft emoties dus niet weg te nemen. Wel kan zij een kind helpen er stap voor stap mee om te gaan. Zelfregulatie ontstaat niet doordat we van jonge kinderen eisen dat ze zichzelf beheersen. Ze ontstaat doordat we hen eerst helpen dat samen te doen.

Tip voor je pedagogisch werkplan

Beschrijf hoe jij kinderen ondersteunt bij sterke emoties. Benoem hoe je emoties erkent, gedrag begrenst, rust helpt herstellen en kinderen daarna ondersteunt bij het zoeken naar een passende oplossing.