Protocol Veilig Slapen voor gastouderopvang beschikbaar
VeiligheidNL heeft een apart Protocol Veilig Slapen voor de gastouderopvang gepubliceerd. Het protocol is ontwikkeld met aandacht voor de dagelijkse praktijk van gastouders en biedt handvatten om jonge kinderen zo veilig mogelijk te laten slapen. Ook zijn er een toestemmingsformulier en antwoorden op veelgestelde vragen beschikbaar. Eerder dit jaar berichtte KNGO al over de aanpassingen aan het Protocol Veilig Slapen in de Dagopvang. Naar aanleiding van vragen en ervaringen uit de praktijk besloot VeiligheidNL om een aparte versie voor de gastouderopvang te ontwikkelen.
Wat staat er in het protocol?
Het protocol richt zich op het veilig laten slapen van kinderen tot 2 jaar. De basis bestaat uit de vier belangrijkste adviezen voor veilig slapen:
- Laat een baby op de rug slapen.
- Gebruik een goed passende slaapzak.
- Zorg voor een veilig bedje.
- Houd voldoende toezicht tijdens het slapen.
- Daarnaast besteedt het protocol aandacht aan de communicatie met ouders, het vastleggen van afspraken en het handelen bij calamiteiten.
Toepassen in de gastouderopvang
Het protocol kan onderdeel worden van het veiligheids- en gezondheidsbeleid van het gastouderbureau. Gastouders kunnen de richtlijnen vervolgens vertalen naar een werkwijze die past bij hun eigen opvangsituatie. Het protocol biedt hiervoor een gezamenlijke basis. Afwijken van het protocol is mogelijk, mits dit goed wordt onderbouwd.
Ook aandacht voor afspraken met ouders
VeiligheidNL benadrukt het belang van duidelijke communicatie met ouders. Het is belangrijk om afspraken over veilig slapen al bij de start van de opvang te bespreken. Voor situaties waarin ouders een afwijkend slaapverzoek hebben, is een apart toestemmingsformulier beschikbaar. Ook heeft VeiligheidNL een overzicht met veelgestelde vragen opgesteld. Hierin worden praktische situaties en vragen over het protocol toegelicht.
Bekijk het protocol en de hulpmiddelen
Gastouders en gastouderbureaus kunnen het protocol en de bijbehorende documenten raadplegen via VeiligheidNL.