Belastingdienst keert recordbedrag aan kinderopvangtoeslag uit

Kinderopvangtoeslag vooral naar hoogste inkomensgroepen (Foto: Centraal bureau voor de Statistiek)

In 2017 keerde de Belastingdienst voor 882 duizend kinderen kinderopvangtoeslag uit. 

Niet eerder was dit aantal zo hoog. Huishoudens die kinderopvangtoeslag kregen, behoorden merendeels tot de hogere inkomensgroepen. Toeslagontvangers betaalden gemiddeld 31 procent van de declarabele opvangkosten zelf. Dat meldt het CBS op basis van nieuwe cijfers.

Kinderopvangtoeslag wordt uitgekeerd voor het gebruik van formele opvang in een kindercentrum of via een geregistreerd gastouderbureau. Ten opzichte van 2016 steeg het aantal kinderen met deze toeslag met 64 duizend. De groei had uitsluitend betrekking op dagopvang en buitenschoolse opvang (bso) in kindercentra. Het aantal kinderen dat door erkende gastouders werd opgevangen, bleef nagenoeg gelijk.
 
De groei in de dagopvang is mede het gevolg van de omvorming van peuterspeelzalen tot kinderopvanglocaties. Hierdoor ontvangen ouders die voldoen aan de criteria ook toeslag wanneer zij gebruik maken van peuteropvang in voormalige peuterspeelzalen.
 
Het merendeel van de huishoudens die kinderopvangtoeslag kregen, heeft een relatief hoog besteedbaar inkomen. In 2017 behoorde ruim 62 procent van de huishoudens met kinderopvangtoeslag tot de 30 procent hoogste inkomens. Het gaat hier vooral om tweeverdieners. Immers, om voor kinderopvangtoeslag in aanmerking te komen moet zowel de hoofdkostwinner als de (eventuele) partner werken, of een traject naar werk, opleiding of een inburgeringscursus volgen.
 
De Belastingdienst keerde in 2017 ruim 2,3 miljard euro aan kinderopvangtoeslag uit. Met dit bedrag werd 69 procent van de totale declarabele opvangkosten vergoed. Bijna 583 duizend huishoudens ontvingen kinderopvangtoeslag, gemiddeld 4 duizend euro.